Houding in de bus

Bij de activiteiten in en rond de bus hoort uiteraard ook het rijden in de bus. In dit hoofdstuk gaan we in op het instellen van de berijdersstoel en de zitpositie van de stoel.
De volgende punten zijn van belang bij het instellen van de berijdersstoel:
- De polsen moeten op de bovenkant van het stuur kunnen rusten zonder te hoeven reiken.
- Zet de stoel naar voren zodat de voeten de pedalen kunnen intrappen zonder weerstand van de zitting of dat de rug loskomt uit de rugleuning.
- Zet de rugleuning rechtop voor een optimale houding en ondersteuning van de rug.
- Plaats de zitting vlak voor een stevige zit en een goede doorbloeding van de benen.
- Als er een instelbare lendensteun aanwezig is stel die dan zo in dat er een gelijkmatige ondersteuning van de rug is.
- Als er armsteunen gebruikt worden stel die dan zodanig in dat de armen ontspannen liggen zonder spanning in nek/schouders.
Bij het zitten in de bus is het van belang dat je ontspannen zit. Bij lange ritten is het verstandig om regelmatig even te stoppen en te bewegen ter compensatie van de eenzijdige houding. Meestal wordt er tussen de collega’s voldoende afgewisseld qua bestuurder en bijrijder.